Het is een boeiende vraag: is er ver aan de rand van ons zonnestelsel misschien nog een onbekende planeet? Verder weg dan Pluto, maar nog wel draaiend rond onze zon. Misschien ergens in de Kuipergordel. Of zelfs nog daarbuiten.
Als zo’n planeet er is, zouden we hem niet zomaar kunnen zien. Hij zou te klein zijn door de afstand. Koud en zonder eigen lichtbron – zelfs als hij al het zonlicht zou weerkaatsen, is dat op die afstand ontzettend weinig. Je zou hem alleen met de sterkste telescopen kunnen zien, en zelfs dan nog alleen wanneer je precies zou weten waar je zou moeten kijken.
Alleen de eventuele zwaartekracht: die zouden we kunnen opmerken. Planeet Negen zou zich kunnen verraden door de invloed die hij heeft op stenen in de buurt. Mogelijk zelfs op de baan van Pluto, of op andere objecten uit de Kuipergordel. Tenminste: als de massa van de onbekende planeet groot genoeg is.

Is er iets?
Sommige onderzoekers zien in de banen van verre ruimterotsen een vreemde clustering. Stenen, ver voorbij Neptunus, waarvan de banen iets meer geordend lijken dan je uit toeval zou verwachten. Is dat een bewijs, of zelfs maar een aanwijzing? Ah, de meningen zijn verdeeld.
De astronomen Mike Brown en Konstantin Batygin stelden ‘Planeet Negen’ voor als verklaring dat verschillende ijzige lichamen die buiten de baan van Pluto rond de zon draaien op volgens hen statistisch onwaarschijnlijke paden. Het lijkt wel, zeggen ze, of er een onzichtbare massa aan hen trekt en hen bij elkaar houdt. Hun computersimulaties laten zien dat de paden van deze objecten zich zouden verspreiden, als er niet een ‘herdersobject’ zou zijn: een grote massa die de banen van de kleinere stenen in een soort houdgreep heeft (het verschijnsel van ‘herders’ is niet onbekend: Saturnus heeft bijvoorbeeld herdersmaantjes die de structuur van de ringen ‘bewaken’).
Uit hun berekeningen van de banen volgt voor Planeet Negen een massa voor de planeet van ongeveer 5 tot 10 keer de massa van de aarde. Een échte planeet, dus, en geen Plutootje. Helaas zijn de resultaten nog te onzeker om een precieze plaats van Planeet Negen te voorspellen, dus een waarneming zit er nog niet in.

Alternatieven
Maar het is nog niet volkomen zeker dat Planeet Negen nodig is om de waarnemingen te verklaren. Sommige wetenschappers beweren dat de zogenaamde ‘clustering van banen’ een illusie is die wordt veroorzaakt door de manier waarop we gericht naar objecten zoeken. We zien daardoor ‘wat we verwachten te zien’ en het is in deze visie dus niet een planeet, maar een waarnemingsbias. Ah, het zou kunnen. Een bias is een bekende valkuil van elke wetenschappelijke zoektocht.
Andere onderzoekers suggereren dat de vreemde paden echt kunnen zijn, maar dat ze het gevolg van cumulatie van miljarden jaren werkende zwaartekracht van de totale Melkweg.
Tenslotte zouden de gemeten ongewone banen ook nog gewoon toeval kunnen zijn. Gewoon een clubje ijzige objecten die door een gemeenschappelijke oorsprong of ander toevallig effect in het grijze verleden nog steeds (de restanten van) een kudde-achtig gedrag vertonen.

Vera C. Rubin
We moeten dus verder zoeken. Gelukkig kan dat. We hebben daarvoor sinds kort een perfect instrument: het Vera C. Rubin Observatorium. De Rubin is een gloednieuw astronomisch observatorium op de berg Cerro Pachón in Chili. De telescoop ervan heeft een camera van 3,2 gigapixel, en is daarmee de grootste camera die ooit is gebouwd voor astronomie. Elke foto legt een gebied vast van 45 keer de grootte van een volle maan. Door de extreme gevoeligheid kan Rubin ook heel lichtzwakke objecten detecteren.
In plaats van een telescoop op één specifieke plek te richten, zal Rubin de hele zichtbare hemel op het zuidelijk halfrond om de paar nachten scannen. Dat zal tien jaar worden volgehouden.

Gaan we Negen zien?
Omdat Planeet Negen zo ver weg is, zou het er op een foto moeten uitzien als een zwakke, puntige ster die langzaam tegen de achtergrond van stationaire sterren drijft. De helderheid zal afhangen van het albedo: Negen kan ijzig zijn en dus relatief veel licht weerkaatsen, maar ook zwart en daarmee vrijwel onzichtbaar. Maar zelfs als Rubin de Planet Negen niet direct vastlegt, zal het in kaart brengen van duizenden nieuwe ijzige rotsen kunnen bevestigen of de zwaartekrachtclustering echt is, of gewoon een toevalstreffer.
Wanneer Planeet Negen bestaat en zich binnen het voorspelde zoekgebied bevindt, zal ze waarschijnlijk binnen de komende 18 tot 24 maanden worden geïdentificeerd. We wachten het af!

Intussen..
Natuurlijk is er in de SF al veel gespeculeerd. Over onbekende planeten en andere verbazende verschijnselen in ons zonnestelsel.
Zo gaan in het korte verhaal ‘Altijd weer die pubers’ twee onderzoekers op bezoek bij een vreemde asteroïde in de gordel tussen Mars en Jupiter. Hij valt op: hij is donkerder dan je zou verwachten, en wanneer ze er aankomen… Nee, daarvoor moet je het verhaal lezen!
Het staat in de bundel ‘Anderen’ en het ebook daarvan kun je oa hier vinden: https://www.kobo.com/nl/nl/ebook/anderen. Meer info op www.wettum.org/anderen

Verder lezen?
Meer informatie kun je hier vinden.
https://en.wikipedia.org/wiki/Planet_Nine
https://www.reddit.com/r/Physics/comments/16ooin5/the_so_called_ninth_planet_and_evidence_strength/
