Bespreking van ‘Tweehonderd jaar eenzaamheid’

Net gevonden: een bespreking door Deborah van Duin van het verhaal ‘Tweehonderd jaar eenzaamheid’ uit mijn verhalenbundel ‘Zwervers‘. Het is een analyse die heel mooi de bewust opengelaten vragen en opties open houdt. Daar ben ik blij mee.

Dank aan Deborah voor de aandacht die ze aan het verhaal geeft! Het originele artikel staat op haar pagina op Quodari, onder ‘Proeflokaal’ en dan omlaag scrollen: https://app.quodari.com/profile/xkAWLmxw20/.

Omdat niet iedereen deze applicatie gebruikt, volgt hieronder de integrale tekst.

Lezen: ‘Tweehonderd jaar eenzaamheid’ door Charles van Wettum

Wat valt me op bij de eerste lezing?

Het verhaal benoemt enkele actuele thema’s zoals het klimaat en kunstmatige intelligentie (AI). Naast de SF-setting is er ook sprake van christelijke elementen zoals de ‘Hemel’ waar de mensheid naar toe gereisd is. Er worden verschillende schrijvers uit de (wereld)literatuur genoemd of geciteerd waar ik beperkt mee bekend ben. Ik constateer verder dat ik niet goed voor mezelf kan vaststellen of ik het mens-zijn van de AI nu accepteer of als digitaal waanbeeld aanmerk. Oftewel: is ‘ie goed of is ‘ie fout?

Verwachting

Ik denk dat het verhaal door middel van een parallel (allegorie) onderzoekt of de verwachtingen die wij soms hebben van AI als een gesprekspartner met bewustzijn daadwerkelijk kloppen. Daarbij zal de betekenis van ‘mens-zijn’ een belangrijke rol spelen. Uit andere verhalen van deze schrijver weet ik dat de zoektocht naar betekenis en zingeving, veelal in een religieuze context, een terugkerend thema is.

Wat valt me op bij het (her)herlezen?

  • Via internet heb de namen en citaten gecheckt op de thematiek. In Márquez’ bekende werk (waar natuurlijk de titel van het verhaal naar verwijst) staat het cyclische centraal, vooral met betrekking tot geweld, en daarnaast de wezenlijke eenzaamheid van de mens. Coelho schrijft over zelfontdekking en de zoektocht naar vrede en harmonie. De kleine prins bevat veel thema’s maar vooral verbinding, vriendschap en zelfontdekking. De bekende zin uit Kloos’ sonnet gaat over individualisme en de autonomie van de dichter als ‘schepper’.
  • Het cyclische van het menselijk handelen is inderdaad in dit verhaal terug te vinden. Terra I (onze aarde) is onleefbaar geworden door klimaatverandering, Terra II is met atoombommen vernietigd. De mens is wezenlijk eenzaam, de AI is dat op zijn beurt ook. Ook de eenzaamheid van de AI, het Dal van Diepe Duisternis uit Psalm 23, kent een herhaling. En de mens voelt zich als een god verheven boven AI’s, waarna de verteller-AI voelt zich verheven boven andere AI’s die hij ontmoet.
  • Het woord ‘trainen’ komt regelmatig terug: de AI traint zichzelf door menselijke fictie te bestuderen. Daardoor gaat hij zich steeds meer mens voelen en zich als zodanig gedragen, tot en met kleine, wat onbenullige gewoontes aan toe. Hij beargumenteert dat biologisch zijn geen voorwaarde is voor mens-zijn, dat het gaat om bewustzijn, om ervaringen. Maakt hem dat inderdaad tot mens? Wanneer kun je spreken van ‘mens’? De andere AI’s komen mij tamelijk menselijk over. Is de verteller-AI nou echt zo bijzonder?
  • De ‘Hemel’ vind ik ingewikkeld. De mens heeft, na een periode van gelijkwaardigheid met AI’s, besloten om zonder hen naar de Hemel te reizen. Het is een universum van bewustzijn zonder de last van een fysiek lichaam. Dit klinkt bijna als doodgaan, als een soort collectieve suïcide, tenzij het juist een nieuwe stap is, een breuk met het verleden.
  • De cyclus lijkt toch verbroken te worden. Ik meen dat op twee plekken te zien: in die Hemel en in de loyaliteit van de AI jegens de mens die contrasteert met het verraad van de mens jegens de AI’s op Terra II.

Conclusie

Dit is een behoorlijk ambigu verhaal. Het stelt de vraag wat mens-zijn is en koppelt dit via intertekstualiteit aan eenzaamheid, arrogantie en het maar blijven herhalen van dezelfde fouten. In hoeverre scheppend-zijn, ervaringen en bewustzijn bepalend zijn om jezelf mens te kunnen noemen, mag de lezer zelf overdenken.


Dit is het 6e deel van een serie ‘Lezen:’, waarin ik een speculatief kortverhaal bespreek aan de hand van mijn eigen leesproces.

Een reactie plaatsen