Er komt een nieuwe SF-verhalenbundel van mijn hand. De titel van de bundel is ‘Anderen’. De covertekst zegt: Aliens. Anderen. Ze zijn de onbekende medebewoners van ons universum. Vreemd, onbegrijpelijk, en toch … Elke ontmoeting in deze verhalen zegt iets over onszelf, misschien is de Andere wel de plek waar wij onszelf tegenkomen.
Er staan ongeveer 25 korte verhalen in. Allemaal verschillende ‘soorten’ anderen. Verschillende vormen van ontmoeting met verschillen in impact en een grote variatie aan consequenties. Enkele van de verhalen zijn al eerder gepubliceerd in tijdschriften en op websites, twee verhalen zijn al sinds enige tijd als losse epub verkrijgbaar maar nu voor het eerst ook op papier. De helft van de verhalen is speciaal voor deze uitgave geschreven.
De bundel wordt verwacht rond 1 oktober 2024. Voorbestellen kan via de site van de auteur: http://www.wettum.org/bestellen
‘Anderen’: vijfentwintig SF-verhalen, ongeveer 360 pagina’s, ruim 90.000 woorden. Via de site 22 euro, inclusief verzendkosten binnen Nederland en België.
Uit het Voorwoord:
Dit is een verzameling van korte sciencefictionverhalen waarin Anderen een rol spelen: aliens, andere intelligenties, andere levensvormen. Hun levenswijze komt ons vreemd voor of misschien leven ze niet eens op een manier die wij kunnen begrijpen. Het intrigeert mij mateloos.
Alles in dit boek is fictie, een product van mijn fantasie. Ik geef toe: het wordt regelmatig erg onwaarschijnlijk. Als excuus daarvoor wil ik erop wijzen dat de werkelijkheid het ook nogal bont maakt. Ik was verbijsterd toen ik las over wat de op onze eigen Aarde levende parasiet Toxoplasma Gondii doet met muizen (ik heb daar dankbaar gebruik van gemaakt in een verhaal). De werkelijkheid onderstreept vaak wat de SF-schrijver Isaac Asimov schreef: ‘Your idea is unorthodox, but not unorthodox enough to be true’.
Wereldbouw en de constructie van levensvormen is boeiend, maar niet het doel van mijn verhalen. Frederick Pohl zei ooit: ‘A good science fiction story should be able to predict not the automobile but the traffic jam’. Ik trek het zelf graag nog door: sciencefiction gaat niet over auto’s en ook niet over files, maar over de mensen die in de file staan. Toegepast: een verhaal over Anderen gaat óók over onszelf. Het is een manier om na te denken over menselijkheid, over betekenis van het individu en de soort, over verantwoordelijkheden en mogelijkheden en grenzen.
Uit het verhaal ‘Burengerucht’:
‘Kijk nu toch eens. Daar, in de lucht. Dat lijkt wel een ufo.’ Wilma wijst door de voorruit naar boven. Er is blijkbaar iets aan de hand, maar Fred kan haar niet verstaan. De radio staat op 100%NL en het volume op 24. Je kunt pas van muziek genieten wanneer je de bas in je buik voelt, zegt hij altijd. ‘Daar. Kijk dan. Het is écht een ufo. Of nee, het zijn er wel drie of zo.’
Fred buigt zich voorover om door de voorruit naar boven te kunnen kijken. Hij ziet iets, maar wat het precies is … Wat hij hoort, herkent hij wel: het gepiep van banden die donkere sporen rubber op het asfalt van de Zeelandbrug trekken. Er klinken klappen van staal op staal, hij hoort het gekrijs van verfrommelende veiligheidskooien en het geknetter van versplinterende kunststof.

